Plaagdieren
Insecten - Motmug
MOTMUG
Tinearia alternata / Psychoda alternata
Uiterlijk
- Lichaamslengte 1,5 - 6,5 mm
- Heel herkenbaar aan hun behaarde vleugels die groter zijn dan hun lichaam
- Ze variëren in kleur van geelachtig tot grijs en zwart en zijn driehoekig van vorm
- Ze hebben twee lange behaarde antennes op hun kop
- De larven zijn wormachtig, 1- 9 mm lang, grijswit van kleur en de uiteinden zijn wat verhard en donkerder
Leefwijze
De motmug, ook wel motvliegje of aalputmotje genoemd, komt algemeen voor in steden, vooral bij warm weer. De motmug kan niet steken. Het zijn geen goede vliegers. Ze kunnen slechts 1 á 1,5 m per vliegbeurt overbruggen dus kruipen ze veel rond of maken korte springerige vluchtjes. Overdag blijven ze vaak zitten met de vleugels dakpansgewijs over elkaar geslagen. Van een afstand lijken ze dan op een stoffig klein, donker driehoekje. Ze zijn zo klein dat ze niet worden tegengehouden door gewoon muggengaas. De motmug leeft voornamelijk van nectar en vervuild water. Men vindt motmuggen vooral in afvoergoten, regenpijpen, regentonnen, afvalwater, onder bloembakken enz.. Binnenshuis komen motmuggen vooral voor bij afvoeren van toilet, douche en wasbakken. Vooral niet gebruikte en/of verstopte afvoeren zijn favoriete (broed)plaatsen.
Ontwikkeling
Een Motmugje legt minuscule kleine bruine- of crèmekleurige eitjes in hoopjes van 10 tot 200 stuks. De eitjes worden voornamelijk afgezet in de nabijheid van organisch afval, in vervuild troebel water of in vochtig organisch materiaal. Een motmug leeft gemiddeld 1 tot 3 weken (waarvan 2 weken als volwassen dier).
Schade
De larve van de motmug is in principe een nuttig dier voor het leefmilieu, omdat ze zich voeden met algen, schimmels en bacteriën. Eénmaal volwassen kunnen motmuggen echter wel (schadelijke) bacteriën en andere micro-organismen vanuit hun broedplaatsen overbrengen. Ook kunnen ze hinder veroorzaken als ze in grote hoeveelheden voorkomen.
Wering
Preventieve maatregelen zijn onontbeerlijk. Bij overlast met motmuggen is het belangrijk de bron te vinden. Aangezien ze niet zo goed kunnen vliegen, moet de bron in de buurt zijn waar ze zich ophouden. Afvoeren kunnen met heet water en soda gereinigd worden en in de dakgoten moet de modderlaag met een harde borstel verwijderd worden. Laat regelmatig wat water lopen in wastafels die weinig gebruikt worden, zodat er altijd water in de siffon blijft staan en kruipruimten kunnen met een laag zand afgedekt worden.
Bestrijding
Een plaagdierbestrijding is een zaak van goede vakkennis en het gebruik van de juiste bestrijdingsmiddelen.
Bij een goede wering van motmuggen is bestrijding soms noodzakelijk. Voor een effectieve bestrijding moeten eerst de voornaamste broedplaatsen opgespoord worden. Deze en alle andere mogelijke schuilplaatsen worden bespoten met een residueel werkend insecticide. Deze voor insecten giftige middelen laten op de behandelde plaatsen een residu achter dat zijn werking nog tot enkele maanden na de bestrijding behoudt. Het is belangrijk dat deze plaatsen, op aanwijzing van de bestrijdingsdeskundige van PPN, door de gebruiker(s) van het betreffende pand vóór aanvang van de behandeling goed bereikbaar worden gemaakt. Tijdens de behandeling en twee uur daarna mag niemand in de behandelde ruimte(n) aanwezig zijn en dienen de ruimtes daarna goed geventileerd te worden. Na 6-8 weken en na 3-4 maanden volgt een controle en volgt zonodig een nabehandeling.
Wat kan PPN hierin voor u betekenen?
Voorkomen is beter dan genezen, vandaar dat naast bestrijding, ook preventie bij PPN hoog in het vaandel staat. De bestrijdingsdeskundige en bestrijdingstechnici van Plaagdier Preventie Nederland met hun gedegen jarenlange vakkennis op dit gebied helpen u graag in de strijd tegen motmuggen.
|